| Cultuur |
| Maandag 23 Juni 2008 23:19 | |
|
Onderstaand traditionele Georgische verhaal is bijna een perfecte karakterschets van de cultuur van de Georgiërs. Het bevat de kernwoorden: familie, godsdienst, het vaderland, gastvrijheid, eten en drinken, kunst en het lot. Op een gemiddelde feestavond wordt op al deze zaken een toost uitgebracht, misschien met uitzondering van "het lot". God was al het land van de aarde aan het verdelen aan de volkeren. De Georgiërs waren echter veel te laat; een aantal families waren bij elkaar te gast en natuurlijk werd er een groot banket georganiseerd. Ze hadden tot laat gegeten, gedronken en gezongen. Toen ze later bij God kwamen had die alle aarde al verdeeld over de volkeren. Toen ze hem vertelden dat ze een feest hadden gehouden en daarom te laat waren gekomen glimlachte God en gaf hen het laatste stukje aarde, het stuk dat hij voor zichzelf had gereserveerd. Zo is het gekomen dat de Georgiërs het allermooiste stukje van de aarde bewonen.
Short Retrospective Review of the Contemporary Georgian Art Anna Kldiashvili, art historian, Tbilisi 20th century' s Georgian art is ful1 of interesting and sometimes contradictory phenomena. Since the beginning of the century the specific art problems as well as the problems of common character were set there, one of which was the issue of tradition and innovation? Probably it was irreversible that the fundamentals and eternal dilemma of Georgia's history, polities, state system, thinking, and culture were the permanent uncertainty between the East and the West. This is clearly reflected in the Georgian painting in which the signs of Western and Eastern cultures have been strangely tied together over the centuries. Georgian art of XX century "begins" with the great Georgian artist, representative of Naïve art Niko Pirosmani. Like a bright star, Pirosmani stands separately in the Georgian painting of 1910-1920s. His creative work holds centuries-old tradition of Georgian art and at the same time it acquired modem sound. Niko Pirosmani had a rather hard life. He died in solitude and poverty even before he got the public recognition. His grave has never been discovered. Only after his death, he was "discovered" by the Georgian society. He got the worldwide recognition in 1950s after his paintings were exhibited in different cities worldwide (Moscow, Vienna, Paris, Warsaw, Dresden, Zurich, etc.). But this period is followed by approximately a fifty-year of "Soviet period" in the Georgian art; "the iron curtain" and ideological press which "started working" as a result of Georgia' s sovietisation once again threw out Georgia from the course of its natural development. The well-known slogan "Soviet art must be of socialistic shape and of nationalistic contents" did not give a space for existence to free creative work. It should be noted that there paintings were not exhibited at that time. They were being kept in the artists' studios for a long time. Moreover, many of them earned their living by painting the portraits of political and party leaders that were ordered by the authorities i.e. they led double creative life which is not so easy. But Georgia is a small country where everybody knows everything about one other. These painters played an important role in the Georgian painting; actually, they managed to put forward and to settle to some extent the formalistic problems that were tabooed by the officials. In other words they broke through one important barrier and paved the way for the next of 1960-1970s. At the same time, the period of "stagnation" begins. The ideological press and the censorship are not as severe as they were during the Stalin's rule. "Socialistic form" in the painting is almost subdued and the artists have the opportunity to consider the ways of solving new problems. Therefore, they start to look for new themes. Of course the first steps are uncertain, they start looking for eternal and imperishable in everything that surrounds human being i.e. in objective reality: old things, Georgian rural attributes and ethnography. They paved the way for a “burst” of the absolutely new religious and national themes in the 1980s. But, it was a mission of another generation of 1980s. The three artists with different manners, temperament and aesthetics are allied to each other with the strong desire of perception and the openness for novelties. These intellectuals destroyed the myth on the Bohemian way of life of art world. They widened the intellectual horizons and the depth of painting and imparted the philosophic sounding to the Georgian painting. Irakli Pardjiani was the oldest between them, a lively, intellectual artist with seeking personality. He was constantly searching for a novelty: new forms, themes, and solutions. However he did not make novelty his aim, he did have what to say to people. Another important representative of the 1980s generation is Gia Bughadze. You'll find just everything in his paintings - history, contemporaneousness, philosophy, mythology and music. New artistic outlook, revision fundamental problems of art, turning the creation process into the act of self-perception, investigation and experimentation of art's synthesis, review of the wide socio-cultural and historical contexts, comprehension and revaluation of means, methods and styles of contemporary western fine arts and their appropriation in close relation with to our national roots and traditions - this is the incomplete list of the problems that Gia Bughadze puts forward and solves definitely in his creative work. At the same time, he works as an art theorist. He investigates questions of colours basing on Goethe' theory of colours, the issues of Georgian national flag and arms, the problems of sociology of art and synthesis of arts, etc. Levan Choghoshvili is another representative of the generation of 1980s who has found himself in the portraits of 19th century's Georgian aristocracy. He revealed this topic completely in a new way on the impulse arisen from the old photographs and Tbilisi portraits of the 19th century. The opening of borders let the information stream in and the Georgian artists became acquainted with the processes taking place in the western art. Other representatives of the generation of 1980s appeared: Gia Edzgveradze (who now lives and works in Germany), L. Laghidze, Gia Gugushvili, Ilia Zautashvili, etc.
HET GE
HET GEORGISCHE TAPIJT Manana Chitiashvili, kunstenaresse, Tbilisi - Breda Toespraak Georgiedag 2005, Amsterdam Georgië is gelegen in het westen van de Kaukasus – gebergte. Het gebied is 69 500 vierkante kilometers groot en heeft tot 6 miljoen inwoners, daarvan 61 % Georgiërs. De overige inwoners zijn Abchaziërs, Joden, Armeniërs, Ossetiërs, Russen, Koerden en Assieriérs. De Georgiërs noemen hun eigen taal Kartuli en hun land Sakartvelo. Dit woord stamt af van de naam van het centrale gebied van Georgië Kartli. Kartvelebi betekent alle bewoners van Georgie. Het land is verdeeld in twee delen; West Georgië en Oost Georgië. Het westen heeft een subtropisch klimaat en het oosten een landelijk klimaat. Dan heb je ook nog een zee klimaat, berg klimaat en een hooggebergte klimaat. Dus 5 verschillende soorten klimaat in een land dat slechts 35% groter is dan Nederland. De bevolking van de Trans- Kaukasus zijn door verschillende beschavingen beïnvloed, namelijk de Grieken, de Romeinen, Byzantijnen, en vanuit het oosten door de Perzen, Arabieren en Turken. Georgië bekeerde zich tot het christendom in de vierde eeuw van onze jaartelling. De Georgiërs zijn een van de oudst Europese volken. Alleen de Basken zijn qua cultuur en tradities verwant aan de Georgiërs. Toen het Byzantijnse rijk ineenstortte was Georgië afgesloten van de rest van Europa. Kaukasus en Oosterse kunst hebben een speciale plaats in de wereld van de kunstgeschiedenis vanwege hun grootse originaliteit. De rijke fauna en flora van de omgeving was erg belangrijk in de ontwikkeling van tapijtenmakerij gedurende de middeleeuwen in de Kaukasus gebied. Voor de kleuren werd uitsluitend gebruik gemaakt van natuurlijke producten zoals: fruit, bloemen, vijgenbladeren, uien – schillen, notenbasten etc. Tapijtmakers wisten precies welke planten en kleuren te gebruiken voor welk seizoen. Ze kenden de procedures daar deze werden overgebracht van generatie op generatie. Deze natuurlijke verven gaven zeer stabiele kleuren en stonden garant voor een hoge kwaliteit. Eeuwen lang behielden ze hun helderheid Gedurende de negentiende eeuw ontwikkelde zich in Europa meer en meer interesse in de Oosterse kunst. In veel Europese landen ontstonden wetenschappelijke studies van tapijten.Tegen het eind van de negentiende eeuw begonnen Kaukasus tapijten te verschijnen op tentoonstellingen, en werden ook verkocht op grote markten van Tbilisi tot St. Petersburg, Wenen, Parijs en Londen. Vanwege hun grote originaliteit waren ze een succes in al deze steden. Georgië heeft een belangrijke rol gespeeld in de identificatie van typische Kaukasus tapijten. Productie van Kaukasus handwerk was geconcentreerd in de Georgische hoofdstad Tbilisi, dat al eeuwenlang een kruispunt was voor de bevolking uit de Kaukasus landen. De kunst van het weven heeft een belangrijke plaats ingenomen in de geschiedenis der Georgische kunst. Georgiers maakten altijd hun tapijten, kilims en andere geweven kleden en kleding op een bijzonder verfijnde manier. De archeologisch ontdekte overblijfselen van tapijten dateren terug tot het neolithische tijdperk. Dezelfde motieven zijn ook aangetroffen op gevonden ceramische vazen uit de tijdperk ongeveer 3000 jaar voor Chr. Ook zijn schapenbeenderen gevonden, wat de belang van schapenhouderij in het dagelijkse leven van dat tijdperk onderstreept. De zelfde wordt ook weer benadrukt door de mythe van de Argonauten. Een deel van de onderzoekers denken dat de mythe van de Argonauten de visie vertaald die de Grieken hadden over de rijkdom en goud van de Ckolchis.( het is een oude naam van het Georgische volk). Deze theorie wordt bevestigd door het grote aantal van archeologische objecten, ontdekte in deze regio. In de twaalfde en dertiende eeuw werd het maken van kleden en tapijten erg belangrijk, ze werden hoofdzakelijk gemaakt om de paleizen en huizen van invloedrijke mensen te versieren. De situatie in Georgie werd behoorlijk gecompliceerd door de val van het Byzantijnse Rijk. Afgesloten van Europa vond Georgië zich ingesloten tussen twee moslim buurlanden Perzie en Turkije. Beide landen brachten naar Georgië hun politieke, economische en culturele invloed, hun taal, gebruiken en de moslimmanier van kleding. In de Georgische kunst verschenen oosterse motieven en onderwerpen. In sommige gevallen gecombineerd met traditionele, nationale motieven die de veranderingen hadden overleefd. Streken in Georgié bekend onder andere om hun kleden zijn: Tusheti, Khevsureti, Kakheti, Kartli, Adjara en Akhaltsikhe. Typische Georgische motieven zijn: het Kruismotief, het Ruitmotief, het Levensboom –motief, het Vogelmotief, het Swastika -motief, het Veel hoeken motief en het Ornamenten van Geometrische Planten motief.
|


