Over Bagration

De naam van de stichting verwijst naar prins Alexandre Bagrationi, die in 1697 deel uitmaakte van het Grote Gezantschap van tsaar Peter naar Nederland en zo de eerste verbinding tussen Nederland en Georgië legde.

Alexandre Bagrationi (1674-1711)
Home Bestuur
Het bestuur van de Bagration-stichting

Wij stellen graag het huidige bestuur aan u voor:

Ekaterina (Eka) de Jager-Mkheidze, interim voorzitter en secretaris
Geboren in Tbilisi, woont sinds 1994 in Nederland. In Georgië was zij chirurg, in Nederland moest zij haar studie nog eens overdoen en werkt inmiddels als huisarts in Amsterdam.
Eka trad in 1995 toe bij de stichting. Destijds was zij de eerste Georgiër in het bestuur. Naast haar verantwoordelijkheden als secretaris is Eka nauw betrokken bij meerdere lopende culturele projecten.

Maia Aduashvili, penningmeester
Geboren in Tbilisi. Maia studeerde in Rusland af in de Russische taal en literatuur en volgde daarna een opleiding journalistiek in Tbilisi. Sinds 1997 woont ze in Nederland. Maia combineert zorg voor haar drie kinderen met free-lance werk. Bij de stichting zet zij zich tevens in voor culturele activiteiten, coördineert jeugdprojecten en verzorgt de nieuwsflits.

Alexi Baidoshvili, wetenschaper
Geboren in Tbilisi. Alexi studeerde geneeskunde in Tbilisi en nogmaals aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Momenteel is hij werkzaam als arts bij het VU Medisch Centrum. Daarnaast is hij met wetenschappelijk onderzoek en enkele Nederlands-Georgische samenwerkingsprojecten bezig. Binnen het bestuur is Alexi verantwoordelijk voor wetenschappelijke uitwisseling en onderhoud van de website.

 

 

 
Oud-leden en andere betrokkenen

Ook in het verleden hebben verschillende mensen hun stempel op de Bagrationstichting gedrukt, als bestuurslid of door inhoudelijke bijdrage te leveren. Wij denken hierbij aan Alexandra Gabrieli, de maakster van het tijdschrift Georgica; oud-voorzitter Bruno Naarden; oud-sectretaris Endre Bánki; Dzjoeansjer Vateisjvili; Françoise Companjen en Joke Passchier, de vrouw van de in 2006 overleden Wim Lucassen, de oprichter van de Bagrationstichting.

Rudolf van der Werf, voorzitter 2006-2008
Van huis uit landbouwkundige met een lange carrière in de ICT-sector als manager. Momenteel is Rudolf als zelfstandige gespecialiseerd in het begeleiden van bedrijfsmanagers.
Na een landbouwproject in Georgië vatte hij belangstelling op voor de Georgische cultuur. Zijn bestuurlijke ervaring komt bij vergaderingen en bijeenkomsten goed van pas. Ruud is tevens verantwoordelijk voor de financiën, sponsoring en budgettering.

 
Wim Lucassen, “onze Wim”
Wim LucassenVelen kennen Wim Lucassen als een hartelijke vriend van Georgiërs en een deskundige in Kaukasische volkeren en talen. Hij was mede-oprichter van de Bagrationstichting. Een Georgiëdag zonder hem is vreemd. Wim genoot van cultuur en gezelligheid, al bleef hij altijd de aandacht vestigen op de oorspronkelijke doelstelling van de stichting: wetenschappelijke uitwisseling.



Hieronder een korte levensloop met als focus het contact met Georgië.

In 1972 kon Wim als student Slavische talen een jaar naar Georgië. Hij had als studierichting de Kaukasus gekozen. Zijn uiteindelijke specialisatie werd de Abchazische taal. Na de studie ging Wim door met de Vergelijkende Taalwetenschap. Met twee studiegenoten werkte hij aan een Abchazisch-Engels woordenboek. Jaarlijks werden Georgië en Abchazië bezocht. Wim werd lid van de The Societas Caucasologica Europeae en sprak op de congressen die door deze club werden georganiseerd. Publicaties volgden, maar nooit kwam het woordenboek af. De hoop ooit hierop te promoveren heeft hij nooit opgegeven, getuige de vele versies die hij heeft bewaard: de kaartenbak, de grote uitdraaivellen van de eerste Big Mother, de bestanden op IBM en andere PC’s.

Het liep anders: Wim werd docent Russisch. Toch liet de wetenschap hem niet los en er kwam een ander doel: de vertaling van het Georgische epos ‘De man in het pantervel’. Een werk van bijna 1600 strofen (coupletten) van 4 regels, in middeleeuwse taal. Elke ochtend vertaalde Wim een strofe. De motivatie voor de vertaling verdween echter toen Georgië en Abchazië met elkaar in conflict kwamen. Wims hart werd uit elkaar getrokken. Jammer, want hij heeft meer dan de helft (977 strofen) vertaald, verscheidene artikelen erover geschreven, ook in de Georgica en Tijdschrift voor Slavische Literatuur (TSL 14, februari 1993).

Wim LucassenWim heeft in de Kaukasus veel vrienden gemaakt en natuurlijk kwamen zij op bezoek in Nederland. Veel bracht de historicus Dzjoeansjer Vateïsjvili teweeg: samen met Wim werkte hij aan de vertaling van de zeventiende eeuwse woordenlijst Georgisch-Nederlands van Witsen. Hierover heeft Wim gesproken op de Georgiëdagen. Het werk aan de woordenlijst van Witsen heeft Wim kunnen voltooien en we hopen op een publicatie.
Wim en Dzjoeansjer stonden aan de wieg van de Bagrationstichting. Ze waren betrokken bij de tentoonstelling ‘Russen en Nederlanders’ in het Rijksmuseum, 1989. Daar kwam de ‘initiatiefgroep voor een Georgisch wetenschappelijk-cultureel centrum’ uit voort.
Het Georgisch wetenschappelijk-cultureel centrum is er niet gekomen. Wel de Bagrationstichting, waar Wim een spilfiguur in was. Na de oprichting in 1990 was Wim secretaris, later werd hij voorzitter en tot 2006 was hij bestuurslid. Misschien herinnert u zich nog de plaatsing van een Georgische plaquette op het tsaar Peterhuisje in Zaandam en de eerste donateursdag op Texel. Meer daarover kunt u vinden op de website van de stichting en in de oude Georgica’s.

Wim wilde zijn enthousiasme voor Rusland en de Kaukasus overbrengen. Daarmee kweekte hij liefde en begrip voor een ander land en een andere bevolking. Hij deed dat door middel van de stichting, zijn werk en publicaties, en door reizen te organiseren. Het liefst wilde hij iedereen meenemen naar de meest afgelegen plekken, zoals Svaneti, Chevsoereti, Pschavi. Lukte dat niet, dan nodigde hij iemand uit op de Georgiëdag die erover kwam vertellen of dia’s liet zien. In 2005 kwam een droom uit, toen hij met zijn broer Nico en zijn vriend Zaliko de hoge berg Kazbek verkende.

Wim LucassenEen bezonkener Wim spreekt uit zijn vertalingen. Hij hield van romantische teksten, vertaalde veel van Poesjkin en ook werk van enkele Georgische dichters. Al in 1985 was Wim met een vertaling van een Georgisch gedicht op de VPRO-radio: hij las ‘De oorbel’ van de 19-de eeuwse dichter Nikoloz Baratasjvili. Het gedicht ‘Merani’ heeft Wim vertaald voor de pianist Temoer Matoerelli, toen die was overleden. ‘De Wind Waait’ van Galaktion Tabidze volgde later. Nu Wim meer tijd had met het pre-pensioen, waren hij en Eka Mkheidze begonnen aan vertalingen van het werk van Anna Kalandadze. Ook hield Wim zich trouw aan zijn voornemen om elke dag een strofe uit Sjota Roestaveli's ‘De ridder in het pantervel’ te vertalen. De vertaling van Wim is nog in de werkfase, maar geeft duidelijk weer hoe hij bezig was de oude taal om te zetten naar een mooi eigentijds geheel. Hij kende het epos goed.

Georgiërs leren ‘De man in het pantervel’ op school. Ze kennen de teksten uit het hoofd en de wijsheden ervan zijn verweven in het sociale leven. Als je dat begrijpt, ken je de Georgiërs al beter!